Asklepiosheiligdom

Asklepiosheiligdom

Asklepiosheiligdom

” In Epidavros werd geschonken, en met milde hand geschonken, niets werd gevraagd of zelfs geëist.”
(Henrik Scholte)

Het Asklepiosheiligdom was in de klassieke periode een genezingscentrum, een kuuroord, waar mensen met allerlei kwalen genezing vonden.
De vallei waarin het Asklepiosheiligdom ligt is een oase van rust en vrede. (Sinds 1988 staat het heiligdom op de werelderfgoedlijst van UNESCO)

Asklepios, de God van de geneeskunst, is hier geboren als zoon van de God Apollo en de maangodin Koronis. Omdat moeder Koronis vroeg stierf, werd Asklepios gevoed door een geit en opgevoed door de wijze Kentaur Cheiron, die hem de geheimen onthulde van de geneeskunst middels geneeskrachtige kruiden.

De bloeitijd van dit genezingsoord was in de 4e eeuw voor Christus en de eerste tekenen van verering aan de God Apollo dateren uit de 8e eeuw voor Chr.
De geneeskunst stond bij de oude Grieken op een hoog peil. Van heinde en verre trokken de zieken naar dit kuuroord, om door middel van o.a. droomuitleg de kuur voor hun genezing te vinden.
Men bracht een offergeschenk mee, een kunstwerk, een offerdier of misschien alleen maar een koek, want iedereen kon terecht in het Asklepion.
In het museum kunt u de vele inscripties zien waarin de veelal wonderbaarlijke genezingen te lezen zijn. Ook toont het museum hoe het heiligdom er vroeger heeft uitgezien.

Om de 4 jaar werden de Asklepia gehouden, feesten met muziek- en sportwedstijden.
U vindt op het terrein de overblijfselen van:
· De mysterieuze Tholos, een ronde tempel met diepe gangen, waar waarschijnlijk ook de slangen gehouden werden die een belangrijke rol speelden bij het genezingsproces en/of het graf van Asklepios.
· Het Abaton, waar men zich te slapen legde, opdat de droom uitkomst bood.
· Tempel van Asklepios.
· Een groot hotel, een stadion, baden, een bilbliotheek.
· Vele andere tempels van de Olympische Goden.
Tot de totale vernietiging in 267 na Christus, vanwege het heidense karakter, heeft het heiligdom meer dan 10 eeuwen een zeer belangrijke functie vervuld en overal in Griekenland en het Romeinse rijk waren Asklepia gesticht.
En nog steeds is de ‘esculaap’, de slang die zich rond een staf draait en het teken was van Asklepios, het symbool voor de geneeskunst.

Theater van Epidavros

Theater van Epidavros

Het best bewaarde antieke theater van Griekenland werd in 350 voor Christus gebouwd als onderdeel van het Asklepiosheiligdom.
Elke zomer spelen theatergroepen de oude Griekse tragedies en komedies in dit theater.
Voor acteurs is het de ultieme beleving om eens in dit theater te mogen spelen.
Op vrijdag- en zaterdagavond stroomt het theater vol met toeschouwers uit heel Griekenland en het is een overweldigend gezicht als de zon achter de bergen verdwijnt en de spelers in processie uit het pijnboombos opkomen.

Dit immense openluchttheater ligt op 14 km ten westen van Archaia Epidavros en 25 km. ten oosten van Nafplion bij het dorp Ligourio.
Het theater biedt plaats aan 14.000 toeschouwers op 55 rijen roze en grijze stenen banken, die tegen de berg Kynorthion aangevleid liggen.

De akoestiek van het theater is perfect. Als u vanaf de “orchestra”( het ronde speelvlak met een diameter van 20,3 meter) zachtjes fluistert naar de bovenste rijen is ieder woord verstaanbaar.
Het toneelhuis achter de orchestra diende als kleedkamer, foyer en dekor.
In het midden van de orchestra ligt een marmeren plaat, de thymele, het altaar van Dionysos, de God van de levenskracht.
Het koor van de Dionysische eredienst en later de toneelstukken danste en zong in de orchestra.
Vanuit verschillende plaatsen in Argolida gaan bussen naar de voorstellingen en na afloop kunt u weer met dezelfde bus terug.

Het is echter ook aan te raden om het hele complex ook overdag te bezoeken.
U kunt dan ook het kostuummuseum en het Asklepiosheiligdom bezoeken.
Het kostuummuseum heeft een permanente expositie van de originele kostuums van het Nationale theater, ontworpen voor de klassieke tragedies en komedies.

Archaia Epidavros

Archaia Epidavros

Een magische oase van natuur en cultuur.

Toen ik voor het eerst in Epidavros kwam, raakte het me diep.
Het overkomt meerdere mensen die hier komen. Wat dat is?
Het groen van de bergen en het blauw van de zee? De geuren en kleuren? De hartelijke gastvrijheid? Het besef van de rijke antieke cultuur, van de gebeurtenissen van duizenden jaren, die hier zo dichtbij zijn?
Wie zal het zeggen, maar Epidavros heeft me recht in mijn hart getroffen.
Melina Mercouri zei over haar huis in Epidavros: “Daar, daar is mijn ziel”.
Maria Callas, wilde dat haar as over Archaia Epidavros werd uitgestrooid.

Vele mensen, componisten, zangers, acteurs, staatslieden en  mensen zoals ik, kwamen hier en werden gegrepen door het magische aura van deze wondere wereld.
Een heilige plek, al voor onze jaartelling door de geneesheer en God Asklepios gesticht. Het bestaat nog steeds.
In de antieke wereld één grote stad en nu drie verschillende plaatsen:
Archaia Epidavros, het vissersdorp  rondom de antieke akropolis aan de oostkust van Argolida.
Nea Epidavros, een klein dorpje hoog op de berg ten noorden van Archaia Epidavros, met enkele taverna’s, hotels en campings aan de kust.
Het theater van Epidavros met de beroemde akoestiek 15 km. landinwaarts, bij Ligourio.

Sinds jaren kunnen we in beide antieke theaters weer van theatervoorstellingen en concerten genieten. Komedies en tragedies in het grote theater. Grote zangers als Maria Farandouri, Charis Alexiou, Jorgos Dalaras treden in het kleine antieke theater aan de voet van de oude akropolis op het schiereiland.
Archaia Epidavros is een versmelting van oud en nieuw.
De olijvenboer drinkt nog steeds zijn ouzo in de kafeneion met een mobiele telefoon onder handbereik. Bij de resten van de tempel van Artemis plukken we oeroude vergeten wilde groenten voor ons avondmaal. Een antieke Griekse tragedie in een antiek theater met een hedendaagse interpretatie en vormgeving.
Het leven staat hier niet stil en oude waarden worden in ere gehouden.
Gastvrijheid, al in de oudheid een heilige wet, wordt nog steeds geëerd.
Een langzaam leven in een boerendorp, waar de Jeep naast de tractor geparkeerd staat.
De bezielde natuur, al van voor de tijd dat de Olympische Goden de wereld bestuurden, levert mooie verhalen op over sterren, die prinsen waren en bomen die de ziel opnemen.
Verbondenheid met al wat is en was.

Zoals iedere berg hier zijn eigen bloemenweelde en kruiden produceert, zo heeft ieder restaurant ook zijn eigen culinaire specialiteit. De meeste families hebben een gemengd bedrijf met visserij, boomgaarden en een toeristische uitspanning. Hotels en appartementen zijn volop voorradig vanaf het voorjaar tot de late herfst, maar ook kunt u hier overwinteren.
Ik ben hier in ieder jaargetijde en elke maand heeft zijn eigen charmes. Zelfs in de winter wordt het nooit echt koud. Er is dus altijd een buitenleven in de immer groene weelde van de sinaasappel- en olijvenboomgaarden, de met pijnbomen begroeide bergen met een weidse blik op de Saronische golf en eilanden.

Epidavros is voor mij een bron van aandacht en inspiratie.

Trojaanse vrouwen

Trojaanse vrouwen

Theater in Epidavros, Trojaanse vrouwen

Massa’s mensen stromen aan vier zijden het theater binnen. In de diepte zie ik een krioelende menigte die zoekt naar een goede plaats, zich tussen de rijen door wringend. Ik ruik parfums en zweet. De poort ging 45 minuten later open, waardoor iedereen nu tegelijk voor de Paradoi van het immense theater staat. Het regende en in spanning wachtten we of er gespeeld zou worden of niet. Paraplu’s, plastic zakken en kussentjes beschermden tegen de druppels. Ik werd gewoon nat, had niet nagedacht over bescherming tegen regen. Zelden regent het hier in de zomer, hoewel ik al eens heb meegemaakt dat een voorstelling daarom afgelast werd. De acteurs zagen we over het acteurspad teruglopen naar de kleedkamers. “Oh, ze gaan niet spelen”, ging er door de menigte. Even later liepen sommige acteurs weer richting theater. “Ah, ze gaan spelen.” Bij heen opluchting, bij terug teleurstelling.
“Het duurt zo lang omdat ze alle kussentjes droogmaken” zegt een vrouw. De opmerking gaat als gerucht de menigte door en worden waarheid. Eindelijk mochten we naar binnen, alles is nat, de trappen glad, en de stenen banken voor het eerst niet heet. Ik stond vooraan en heb een mooie plaats bemachtigd. De zonsondergang heb ik gemist door het late uur en ik ben benieuwd of ik de één dag oude volle maan door het wolkendek zal zien verschijnen in het zuid-oosten.

Verwachting
11.000 mensen komen naar Trojaanse vrouwen kijken, één van de meest tragische stukken die er bestaan. De stad Troje brandt, alle mannen gaan dood en de vrouwen worden verkracht en als slavinnen verdeeld onder de brute Griekse machthebbers. Eén en al angst, woede, onmacht, verdriet en verslagenheid.
Op televisie kijk ik niet meer naar films waarin moord en doodslag hoogtij viert. Ik kan het niet meer aanzien, om voor mijn plezier en ontspanning naar gruwelijkheden te kijken. Toch zit ik hier vol verwachting wat de voorstelling me zal brengen. Dit is Euripides, we zien geen moord, we horen van Talthybios , de boodschapper, dat er gedood wordt. We zien, horen, voelen, alles wat er in de vrouwen, de slachtoffers omgaat.

Hoe zal KOBE dit stuk brengen, daar gaat het om, want we kennen allemaal het verhaal, we hebben het ettelijke malen gelezen en gezien. Met welke beelden, met welke muziek en spel weten ze me te raken, zodat dit stuk me nu iets te vertellen heeft.

Dichtbij
Terwijl de lichten nog branden en de laatste toeschouwers binnenlopen speelt een jongetje met een bal, uit alle hoeken komen andere kinderen meespelen. Ze zijn één van ons, het zijn mijn buurkinderen. Ze spelen voor een ingestort en verbrand huis. Het leven versus de dood. Dan gaat het alarm en horen we bombardementen. Ik zie meteen beelden van oorlog, zoals ik die ken uit documentaires, dit is echt, dit hebben mijn ouders meegemaakt. Het koor van vrouwen wordt door soldaten aan hun haren uit het publiek gesleept en op een hoop gegooid. Dit gaat over ons, ik zou één van hen kunnen zijn. Ik zie de beelden van de gevangenen in Sebrenica, nog zo kort geleden bij ons in Europa.

Hecabe verliest al haar kinderen en kleinkinderen en wordt als slavin aan Odysseus toegewezen, die ze haat. Een ondraaglijker leed is niet voorstelbaar. Alle vrouwen, jong nog, vertellen over hun verloren kinderen, verkrachtte dochters, gesneuvelde mannen. Bij de éen zijn de borsten afgesneden, pure machtswellust, bij een ander zijn haar man en kinderen voor haar ogen afgeslacht en zijzelf daarna verkracht. Hoe komt een mens zo ver van zijn mens-zijn verwijderd dat hij dat doet.

Alle vier de actrices van de grote rollen, Hecabe, Cassandra, Andromache en Helena spelen fantastisch goed. Helena heeft een uitzonderingspositie in deze voorstelling, zij is geen slachtoffer, zij denkt alleen aan zichzelf, niet aan wat zij heeft aangericht, zij is even bruut als de mannen en buit haar schoonheid uit om de zwakke plek van Menelaos te raken. Het lukt haar, hij valt weer voor haar, zodat zij als enige ongeschonden uit deze hel komt.
Het koor van vrouwen was prachtig in beeld gebracht, herkenbaar met de oude mannenjassen over hun jurken, in groepjes elkaar beschermend, op een rij voor de geweren van de soldaten, ik zag de beelden van de concentratiekampen. We zagen al hun wanhoop en moed, als ze door het kordon van soldaten heen drongen op risico van afgeslacht te worden.

Deze voorstelling vertelt ons van de gruwelijkheden, waartoe we nog steeds in staat zijn, vertelt ons wat mensen, mensen aandoen, of moet ik zeggen wat beestachtige mensen, mensen aandoen.
Dat mogen we nooit vergeten en door ons te herinneren, door één van hen te zijn, weten we dat we allemaal één zijn met recht op liefde en leven.